We leven in een wereld die geobsedeerd is door het individu. Wie faalt, had iets anders moeten doen. Wie succes heeft, heeft het verdiend. Dat is de belofte van het neoliberalisme: jij bent verantwoordelijk. Voor je lichaam, je baan, je emoties, je pensioen, je geluk. Elk obstakel is te overwinnen, zolang je maar de juiste mindset hebt. En dus richten we ons op motivatiecoaches, ochtendroutines, stappenplannen. Op karakter. Wilskracht. Discipline.
We noemen het veerkracht als iemand zich weet aan te passen aan een onrechtvaardige situatie. We noemen het succes als iemand erdoorheen breekt. En zo blijft de vraag naar de structuur waarbinnen het allemaal gebeurt, opvallend vaak buiten beeld.
We maken liever een held van één iemand dan dat we erkennen dat problemen én oplossingen meestal ontstaan vanuit een collectief veld, een geschiedenis, een patroon.
Kijk naar het verhaal van Rosa Parks. In veel schoolboeken staat ze als de vrouw die de burgerrechtenbeweging in gang zette door te weigeren op te staan in de bus. Het lijkt een daad van plotseling verzet. Een eenling tegen het systeem. Maar Rosa Parks was al jarenlang actief als burgerrechtenactivist. Ze werkte voor de NAACP, organiseerde acties, en kende de risico’s van protest. En ze was niet de eerste die bleef zitten: negen maanden eerder had de vijftienjarige Claudette Colvin hetzelfde gedaan. Maar zij werd als te jong, te ‘moeilijk’ en te donker gezien om het gezicht van de beweging te worden.
Rosa Parks werd niet gekozen omdat ze iets unieks deed, ze werd gekozen omdat haar daad paste in een zorgvuldig opgebouwd netwerk, en omdat zij als boegbeeld de meeste kans had om maatschappelijke sympathie op te wekken. Kalm, waardig, belezen.
Haar heldenstatus zegt veel over ons verlangen naar duidelijkheid. Naar één oorzaak. Eén dappere vrouw. Eén moment waarop alles begon.
Maar daarmee verbergen we iets. Namelijk dat duizenden mensen al bezig waren met ondergronds verzet. En dat niemand in z’n eentje iets kantelt. Ook Rosa Parks niet.
Toch wijzen we zo graag naar het individu. Dat patroon zie ik in het onderwijs. Succes wordt vaak nog voorgesteld als een rechte lijn: een leerling met aanleg werkt hard en wordt beloond. Maar onderzoek laat iets anders zien. Kinderen uit gezinnen met een hoger opleidingsniveau krijgen significant vaker een hoger schooladvies, zelfs bij gelijke toetsscores. En wie eenmaal op het vmbo zit, stroomt zelden nog op – niet vanwege gebrek aan talent, maar vanwege structuur. Verwachtingen. Beleid. Beoordelingssystemen. We zeggen dat het kind ‘eruit moet halen wat erin zit’, maar vergeten dat de omgeving bepaalt wat erin mág zitten.
Ook in organisaties klinkt het oordeel vaak persoonlijk: ‘zij’ functioneert niet goed. ‘Hij’ past niet in het team. Maar wie iets verder kijkt, ziet dat dezelfde mensen elders wél tot bloei komen. Omdat de dynamiek daar anders is. Omdat de context meewerkt. Wat eerst een probleemgeval leek, blijkt elders een sleutelspeler. Niet omdat de persoon veranderde, maar omdat de grond waarin hij geplant werd, anders aanvoelde.
En terwijl we het individu blijven beoordelen, blijft het systeem zichzelf herhalen. Kijk naar onze voedselomgeving. We willen dat mensen gezonder eten, maar het merendeel van de supermarkt bestaat uit bewerkt, calorierijk en goedkoop voedsel. Producten vol suiker en zout worden gepromoot met kindermarketing, terwijl verse producten duurder zijn en minder ruimte krijgen. We spreken van ‘eigen verantwoordelijkheid’, maar het hele landschap is ingericht op verleiding en verslaving. Keuzevrijheid is zelden neutraal. Ze is ontworpen. Geregisseerd. Gedreven door belangen, macht en geld.
Sociale media versterken diezelfde logica. Een simpele, stellige uitspraak krijgt duizend keer meer bereik dan een genuanceerde analyse. Niet omdat het beter is, maar omdat het past in het systeem: snelheid, emotie, herkenning. Inhoudelijke complexiteit wordt niet beloond. Wat klikt, wint.
Twee mensen kunnen exact hetzelfde bedrijf starten. Zelfde strategie, zelfde kennis, zelfde inzet. De een slaagt. De ander niet. Niet omdat de een ‘beter’ is, maar omdat de context net verschilt. Eén ontmoeting. Eén klant. Eén regelwijziging. Kleine verschuivingen met grote gevolgen. En toch schrijven we achteraf succesverhalen over hoe logisch het allemaal was. Alsof de oorzaak in de persoon zat. Alsof het bij een ander net zo zou werken.
Maar groei werkt niet zo. Succes werkt niet zo. Verandering werkt niet zo.
Een rivier kiest zijn pad niet willekeurig, maar ook niet op basis van een vast plan. Hij ontstaat in relatie tot de weerstand die hij tegenkomt: steen, zand, helling, droogte. Alles speelt mee. Een boom groeit niet recht omhoog omdat hij dat wil, maar omdat het licht zich verplaatst. Omdat zijn wortels obstakels voelen en zich daar omheen buigen. Geen wil. Geen chaos. Alleen relatie.
Wat als leren, falen, ontwikkelen, opbranden en herstellen geen individuele prestaties zijn, maar sociale gebeurtenissen? Wat als groei geen eigenschap is, maar een verhouding tot alles om je heen? Wat kantelt er dan in jouw denken?