Xandra heeft altijd een twinkeling in haar ogen, een sprankje wijsheid in haar verhalen en een paar verrassende oefeningen die ze uit haar mouw kan toveren.

Ik hou van haar Pietje-Bell uitstraling en humor. Geen therapeutisch gedoe maar helder, krachtig en tegelijk open voor alles, van superspiritueel tot broodnuchtere wetenschap.

Over Xandra

Als iemand me vroeger vroeg wat ik later wilde worden, zei ik vaak zoiets als "oud en gelukkig". Dan kwam er een vragende blik, gevolgd door de vraag: "Nee, wat wil je écht worden?" Alsof samen gelukkig oud worden niet het belangrijkste voor een complete samenleving zou zijn.

De vraag naar een beroep was eigenlijk ook logisch. In onze samenleving zijn we gewend geraakt te denken alsof mensen losse individuen zijn, ontwikkeling maakbaar is en complexe situaties kunnen worden opgelost door ze op te knippen in afzonderlijke problemen.

Die aannames zijn zo vanzelfsprekend geworden dat we ze nauwelijks nog zien. Maar juist nu steeds meer mensen vastlopen of uitvallen, is het misschien tijd om ze opnieuw te onderzoeken. Vanuit de ecologie, ontwikkelingsbiologie, natuurkunde, filosofie en complexiteitswetenschap gebeurt dat al. Hoewel deze disciplines heel verschillend zijn, verschijnt in veel van deze velden een vergelijkbare verschuiving. Relaties worden steeds minder gezien als verbindingen tussen afzonderlijke dingen en steeds vaker als mede vormgevend aan wat kan ontstaan. Wat voor mij altijd vanzelfsprekend had gevoeld, bleek een relationeel wereldbeeld te zijn.

Maar dat wist ik in 2012 nog niet...

Het was het jaar dat ik besloot om trainingen en workshops te gaan geven. Het jaar van de geboorte van mijn bedrijf. Ik wilde zo graag werken met de mensen die ‘meer zagen’. Je kent ze wel: de mensen die een kamer binnenstappen en meteen de onderstroom voelen. Die feilloos aanvoelen wat er sociaal aan de hand is, nog vóórdat er een woord is gezegd.

Ik zag tegelijkertijd hoe hard hun blik en inzet nodig was in het huidige onderwijs, de zorg, in leiderschap, met alle problemen die daar nu zijn. Wat ik voor ogen had was dat mensen dit in gingen zetten als hun allergrootste kracht in plaats van te vertrouwen op algemene werkwijzen en protocollen. Want geloof me, geen mens is algemeen of gemiddeld. Iedereen verdient het echt gezien te worden.

Omdat ik er geen betere naam voor had, noemde ik het ‘sensitiviteit’. Een schot in de roos. Binnen de kortste keren zat ik midden in de booming wereld van hoogsensitiviteit (HSP) en sensitieve begaafdheid. Ik werd er bekend in, werd gevraagd op diverse podia en was lid van de Kerngroep HSP-professionals Nederland. Mijn agenda stroomde vol. Dit was wat ik wilde, toch?

Maar er knaagde iets. En dat geknaag werd al snel een keiharde frictie. Dag in, dag uit kreeg ik dezelfde vragen. "Hoe stel ik mijn grenzen?" "Hoe voorkom ik dat ik overprikkeld raak?" "Hoe bescherm ik mijn energie?" Ik keek naar de mensen tegenover me. En ik voelde aan alles dat dit niet kon kloppen. Ja, je kunt jezelf afschermen, maar dan zet je jezelf ook buiten het leven. Terwijl we ons juist mogen verbinden met onszelf, de ander en de wereld om ons heen. Als we al iets te doen hadden, dan was het voorkomen dat mensen überhaupt deze vragen gingen stellen.

Een belangrijk kantelmoment in mijn zoektocht vond ik in het boek ‘Grip op je gevoel’. Dit boek combineert de meest werkzame inzichten uit de cognitieve gedragstherapie met interventies uit de dialectische gedragstherapie en ACT. Dit boek was voor mij een openbaring, maar op een heel andere manier dan de schrijvers bedoelden.

Via de ingang van 'niet-functionaliteit' kreeg ik voor het eerst diep inzicht in wat mensen te leren hadden, zónder dat ik er meteen een zwaar DSM-label op hoefde te plakken. Het maakte glashelder dat de worsteling van deze sensitieve mensen geen fundamenteel tekort in hun persoonlijkheid was, maar simpelweg een niet-handige manier van omgaan met situaties.

Maar hoewel het me hielp om de dynamiek te begrijpen, begon de voorgestelde oplossing me gigantisch tegen te staan. De remedie van de reguliere psychologie loopt namelijk altijd via individuele controle, regulatie en beheersing. Je moet grip krijgen zoals het boek al zei. Maar ik ben geen psycholoog, ik ben opgeleid als pedagoog en dat betekent dat je je bezig houdt met de vraag wat kinderen mogen leren om te leven in deze wereld. En ik realiseerde me daar dat we kinderen mogen leren leven in de wilde, onvoorspelbare stroom van het leven. De psychologie geeft een oplossing, maar komt altijd achteraf. Dus wat was het wat vooraf geleerd kon worden?

Wat daarvoor nodig was bleek ik allang in huis te hebben, maar dan uit een totaal andere, onverwachte hoek.

In mijn theaterhobby, waar ik destijds vol overgave improviseerde en clownerielessen volgde, hanteerden we basisregels die ik bijna één-op-één over die psychologische copingstijlen kon leggen. Waar de therapie ingewikkelde protocollen nodig heeft om emoties te doorvoelen, is het op het podium simpelweg onmogelijk om een boeiend drama neer te zetten zónder je emoties in te brengen. En nadenken over de toekomst of eindeloos piekeren? Dat bestond daar niet. Je mocht gewoon 'ja' zeggen tegen alles wat zich op dat moment aandiende.

Spelen leerde me hoe je al improviserend met álles kunt zijn wat zich aandient. Met het ongemak, met het niet-weten, met het falen. De puzzelstukjes vielen in elkaar. Ik raakte er diep van overtuigd: als mensen écht leren spelen, hebben ze die hele controlerende psychologie nooit nodig.

Gewapend met dit nieuwe inzicht kon ik niet meer terug. Ik was zo klaar met de individuele, naar binnen gekeerde vragen uit de HSP-wereld, dat ik besloot te doen wat ik anderen leerde. Ik liet de veilige, bekende term HSP vallen, liet de hele individuele psychologie achter me en sprong in het diepe. Ik ging onderzoeken wat er gebeurt als we stoppen met controleren en beginnen met... spelen.

De jaren erna dompelde me onder in de toegepaste improvisatie. En waar ik het spelen heerlijk vond vielen de boeken die ik erover las hard tegen. Alsof iedere getrainde professional uitdraagt dat dit handige vaardigheden zijn. "Als we de regel 'Ja, en...' toepassen, gaan teams beter samenwerken." Maar ik geloofde helemaal niet meer dat dit vaardigheden of trucjes waren. Sterker nog, ik ben zelf allergisch voor mensen die trucjes toepassen, zoals het nabootsen van je houding om 'connectie te maken', of rapport zoals dat heet in NLP. Als het echt en oprecht is prima, maar dan gebeurd het onbewust, dan 'zet je het niet in'.

Wat ik mensen wilde meegeven waren helemaal geen vaardigheden of trucjes. Dit waren de existentiële basiswetten van het leven zelf. In een improvisatiespel is er geen script. Er is geen regisseur die de controle heeft. De speler bestaat niet eens los van het spel. Jij ontstaat pas op het moment dat de ander een stap zet, of wanneer de ruimte iets van je vraagt. Het zou nog enkele jaren duren voordat ik de quantum-filosofe Karen Barad en haar term intra-actie leerde kennen, maar op die spelvloer ervoer ik het destijds al aan den lijve: wij zijn niet eerst losse individuen die daarna met elkaar interacteren. Wij ontstaan als mens ín de ontmoeting.

Misschien herken jij dit ook wel. Je begrijpt de werkelijkheid gewoon vooral vanuit relaties, context en wederzijdse beïnvloeding. Daardoor stel je waarschijnlijk vragen bij systemen en regels waar anderen blindelings in meegaan. Of misschien begrijp je niet goed waarom anderen niet zien wat voor jou zo vanzelfsprekend lijkt.

Als jij de onderliggende patronen en relaties wél ziet en anderen niet, dan kan dat voor botsingen zorgen. Misschien ben je daardoor zelfs weleens als lastig, te kritisch of te betrokken ervaren. Gewoon omdat jij vertrekt vanuit andere aannames. 

Daarom is het belangrijk om het over wereldbeelden te hebben, want we zien de wereld niet eerst en geven er daarna betekenis aan. De manier waarop we betekenis geven bepaalt mede wat we überhaupt zien.

Ik maak deze paradigmawisseling bespreekbaar én ervaarbaar. Zoals iemand eens zei: “Xandra heeft altijd een twinkeling in haar ogen, een sprankje wijsheid in haar verhalen en een paar verrassende oefeningen die ze uit haar mouw kan schudden.”

In vrijwel al mijn trainingen ontmoet ik mensen die uiteindelijk hetzelfde verlangen. Gewoon een maatschappij die eraan bijdragen dat mensen 'gelukkig oud kunnen worden'. Misschien was mijn antwoord als kind dan ook geen antwoord op de vraag wat ik wilde worden. Misschien was het altijd al een antwoord op de vraag waaraan ik wilde bijdragen...

Wat anderen over me zeggen

Xandra is een van die zeldzame mensen die de kennis rondom het begeleiden van mensen echt belichaamt. Het is geen kennis meer of set technieken maar een 'staat van zijn'. Iedereen die de kans krijgt om met Xandra te werken als trainer, coach, docent of begeleider zal de transformatie in zichzelf of zijn/haar organisatie direct merken.

Tijl Koenderink
Bestuurder, Passend onderwijs

Xandra heeft een heel fijne energie, is creatief en durft zichzelf te zijn. Haar kwetsbaarheid, haar lef om te doen en haar vermogen om echt te luisteren maken haar tot een heerlijk persoon om mee samen te werken. Steeds weer komt ze met bijzondere ideeen en krachtige inspiratie. Ze levert een positieve bijdrage aan mensen die haar mogen leren kennen.

Mark Verhees
Bestseller-auteur, Voor Positiviteit

Picasso zei dat het hem een paar jaar kostte om te kunnen schilderen als een Renaissanceschilder, maar een leven lang om te kunnen schilderen als een kind. Als het er om gaat om in contact met je eigen kind te komen, is Xandra een heerlijke ouwe vrouw . Mij daagt ze uit spelend en ravottend door het leven te donderjaren. Het liefst nog heel lang!

Jan Ruigrok
Trainer bij, Rigardus